Het museumcongres en de cijfers

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) heeft tijdens het Museumcongres op 7 en 8 oktober 2010 in Enschede een enquête afgenomen onder de aanwezigen. De enquête werd uitgevoerd in het kader van het onderzoeksprogramma en had als doel om informatie te verzamelen over actuele museale thema’s, bruikleenverkeer en risico’s. De enquête werd begeleid door marktonderzoeksbureau Research voor BeleidVerantwoording

Op het congres waren ongeveer 700 mensen aanwezig. Daarvan was de helft werkzaam in een museum. Veel musea waren met meer dan een persoon vertegenwoordigd waardoor het aantal verschillende musea op het congres 138 bedroeg.

Musea uit de Randstad waren in Enschede oververtegenwoordigd (62%), terwijl musea uit de noordelijke provincies (Friesland, Groningen, Drenthe), nauwelijks aanwezig waren (5%). Uit de enquête bleek dat het congres vooral werd bezocht door vertegenwoordigers van kleine en middelgrote musea (63%). De hele kleine musea (< dan 5fte), waarvan we er in Nederland meer dan 600 hebben, waren met een bescheiden groep aanwezig (19%). Er waren op het congres vooral vertegenwoordigers van kunst- en cultuurhistorische musea (83%). 80% van de congresgangers bekleedde de functie van directeur, conservator of hoofd van een afdeling (presentatie, communicatie, collectiebeheer).

Een en ander betekent dat het hogere kader van de kleine en middelgrote kunst/ cultuurhistorische musea uit de Randstad in belangrijke mate de uitkomst van de enquête heeft bepaald. De antwoorden op de vragen zijn tussen de 85% en 95% betrouwbaar voor alle aanwezigen op het museumcongres. De respons op de enquête bedroeg bijna 60%, wat voor een enquêteonderzoek hoog is.

Resultaten

De musea die op het congres aanwezig waren beheren samen omstreeks 55 miljoen objecten. De top vijf van zaken die hen vooral bezighoudt is:

  • Financiële zaken en bezuinigingen
  • Huisvesting
  • Tentoonstellingen
  • Digitalisering en registratie
  • Web en sociale media

Om inzicht te krijgen hoe eigenaren van museumcollecties (vaak overheden) omgaan met risico’s was de vraag opgenomen of musea hun collecties hebben verzekerd tegen schade, verlies of diefstal. Uit de antwoorden bleek dat een kleine 50% van de musea de gehele collectie heeft verzekerd tegen deze risico’s. Bijna 25% heeft een deel van de collectie verzekerd en in 15% van de gevallen hebben de musea hun collectie niet verzekerd.

Gevraagd naar het risico op schade bij uitgaande bruiklening gaf bijna 40% van de musea aan in de afgelopen 5 jaar geconfronteerd te zijn geweest met een schadegeval. In de meeste gevallen trad die schade op bij het in- of uitpakken van een museumobject op locatie van de bruikleennemer.

Vijfennegentig procent van de musea nam de afgelopen vijf jaar deel aan het nationale en internationale bruikleenverkeer. Er werd vooral uitgeleend aan musea/instellingen in België, Duitsland, Frankrijk, Groot Brittannië en de Verenigde Staten. Slechts 5% van de musea geeft aan in de afgelopen vijf jaar geen bruiklenen te hebben verstrekt of ontvangen.

Vervolg

De enquête heeft geleid tot en aantal vervolgvragen die wellicht vragen om nader onderzoek:

  • Is het effectief om een museumcongres in de regio te organiseren?
  • Is de drempel voor deelname aan het congres voor sommige musea niet te hoog?
  • Wat is de werkelijke omvang van de Collectie Nederland?
  • Wat is de verzekeringspraktijk in musea? Hoeveel kosten zijn hiermee gemoed?
  • Wat is de omvang van het nationale en internationale bruikleenverkeer?

Voor meer info: f.bergevoet@cultureelerfgoed.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *