Extremistische taal

Iedereen kent het cliché van de traditionele  Nederlandse verjaardagsvisite waarbij de vrolijke stemming wordt vergald door een aangeschoten familielid die extremistische taal uitslaat. De lompe oom die roept dat het allemaal de schuld is van de buitenlanders, oma die rood aanloopt over het tuig van het woonwagenkamp, en willekeurig wie over de politiek in het algemeen en de veel te hoge belastingen.  Tot voor kort was dit een vertrouwd maar betrekkelijk onschuldig verschijnsel. Op elk partijtje waren namelijk ook  aardige, redelijke en nuchtere familieleden aanwezig die oomlief even lieten razen en dan de juiste vergoelijkende woorden wisten te vinden om de vrede te bewaren. Sinds de opkomst van internet is er echter iets wezenlijk veranderd.

Naast de zegeningen en veelbelovende  mogelijkheden die het net ons brengt, biedt het ook  een breed platform aan onze onverdraagzame familieleden. Oom ziet dat hij niet alleen staat in zijn afkeer van buitenlanders en leest dat er mensen zijn die nog veel verder durven gaan in hun uitspraken. Oma ontdekt dat ze een petitie kan tekenen om die vuile zigeuners uit haar buurt te verwijderen. En tussen al het verbale en visuele geweld is de stem van de redelijkheid nauwelijks te horen. Er is geen betere plek om eens goed je hart te luchten dan op een discussieforum, waar je, anoniem, eindelijk eens kan zeggen waar het op staat. Vroeger schreef je een woedende brief die je nog eens doorlas voordat je hem in de envelop deed en die in je hand brandde tijdens de tocht naar de brievenbus. Nu is elke onbesuisde uitbarsting binnen enkele klikken onherroepbaar de wereld ingeslingerd.

Het zal nog flink wat jaren duren voordat we aan dit nieuwe medium gewend zijn en de ergste excessen zijn geneutraliseerd. We moeten met z’n allen nieuwe omgangsvormen vinden om  vrijblijvende kwaadaardigheid te bestrijden. Het gevaar dat hierbij op de loer ligt is dat de oude tegenstelling tussen elite en gepeupel uit de kast wordt gehaald. Een verontwaardigde moraliserende toplaag die machteloos toekijkt hoe populisten de aanwezige woede en angsten van het volk exploiteren. De geest is uit de fles; het is niet meer voldoende om je te beroepen op je expertise, achtergrond of opleiding om je autoriteit te claimen. Het volk rammelt aan de poort, of het nu die van het parlement of van het museum is. Je zal de oproerkraaiers moeten toelaten, uit moeten laten razen en dan met de juiste woorden voor je zien te winnen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *