aanvalluh!!

[Het is lastig om deze week niet te schrijven over de finale van de WK voetbal 2010, maar ik ga m’n best doen].

Bibliothecarissen kunnen in het algemeen goed tegen enorme bergen werk. De hoeveelheid documenten en informatie die door hen moet worden verwerkt is vaak vele malen groter dan de beschikbare capaciteit. Als je het voorkomen en wegwerken van achterstanden als doel op zich nastreeft hou je het niet lang vol in dit beroep. Het is verstandiger om de achterstand als een natuurverschijnsel te beschouwen en je neer te leggen bij het feit dat als je de ene stapel wegwerkt er ergens anders een nieuwe groeit. Je moet proberen globaal overzicht te houden over al het onverwerkte materiaal zodat je snel de juiste stapel kan verwerken bij een plotseling opkomende vraag. Dit vermogen om als het ware te balanceren tussen chaos en orde maakte de beheerder van traditionele informatiesystemen tot voor kort succesvol én onmisbaar.

Het meest extreme voorbeeld van deze praktijk heb ik ooit gezien bij een collega van een bevriend museum. Zijn bureau was letterlijk bedolven onder hoog opgestapelde bergen papier, dossiers en boeken. Zelfs het toetsenbord van zijn computer rustte op een bergje documenten, blijkbaar de stukken waar hij op dat moment aan werkte. Het beeldscherm zelf was volkomen ingebouwd in de stapels. Op mijn verbaasde vraag hoe hij in godsnaam hier iets in kon terugvinden antwoordde hij dat het geen enkel probleem was, als er maar niemand anders aan zijn spullen zat. Hij wist precies welke stapel wat was en wanneer een bepaalde zaak had gespeeld. Met die kennis kon hij elk gewenst redelijk eenvoudig lokaliseren. Een feilloos functionerend systeem dat natuurlijk alleen maar werkte met hem erbij.

Dit romantische beeld van de als mysterieuze schatbewaarder die op eruditie en instinct precies de weg weet in schijnbare wanorde is natuurlijk nodig aan vervanging toe. Het is niet langer acceptabel dat belangrijke informatie alleen toegankelijk is via een intermediair. Met de komst van de Informatietechnologie lijkt de rol van de ouderwetse dan ook definitief uitgespeeld. Nieuwe technieken zorgen ervoor dat iedereen zijn weg kan vinden in grote hoeveelheden ongestructureerde informatie en er zijn talloze hulpmiddelen die je helpen bij het orde scheppen in grote verzamelingen gegevens.

De begrijpelijke reactie van de bedreigde beroepsgroep is het wijzen op de gebreken en onvolledigheid van de nieuwe methodieken. Moderne zoekmachines zoeken vooral in recent gedigitaliseerd materiaal en zijn blind voor historische (meta)informatie in grote databases. Gebruikers zijn te weinig kritisch op de resultaten van hun zoekvragen en volgen slaafs de ranking die door machines wordt gedicteerd. Toch lijkt het een kwestie van tijd voordat hun bezwaren zijn achterhaald en een generatie van nog slimmere machines en gebruikers is opgestaan. De bibliothecaris zou er verstandig aan doen om niet hardnekkig vast te houden aan zijn monopolie maar zich in te zetten voor het ontwikkelen en beschikbaarstellen van goede zoek- en ordeningstechnieken gebaseerd op zijn expertise.

Het is namelijk zeer de vraag of er in de toekomst geen plaats meer is voor de bibliothecaris. Beschikbaarheid van informatiebronnnen en zoek- en ordeningsmethodieken alleen maakt niet automatisch van iedere gebruiker een specialist. Om werkelijk slim en handig de juiste vragen te kunnen stellen en resultaten te kunnen manipuleren zal toch wat van de eruditie en het instinct van de bibliothecaris nodig zijn. De van het “slim stapelen” zal moeten worden geleerd van de kenner. De traditionele bibliothecaris moet ervoor waken om in een achterhoedegevecht te sneuvelen. Aanval is de beste verdediging, net als bij het voetbal!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *