Vincents Tekenlokaal in Tilburg

Gastblogger: Albert Diederik ( Studio’s)

Het in 1849 gereedgekomen Paleis-Raadhuis is destijds in opdracht van Koning gebouwd. Vanaf 1831 onderhield hij nauwe banden met Tilburg en hij verbleef hier graag.

Het in gotische stijl gebouwde paleis dateert uit 1849. Helaas is het als zodanig nooit gebruikt geweest, omdat Koning Willem II vroegtijdig in hetzelfde jaar in Tilburg is overleden. Vanaf 1864 tot 1934 is het paleisje gebruikt als rijks-hbs. Vanaf 1936 wordt het door de gemeente gebruikt. Niet alleen de centrale locatie is prachtig, ook de inrichting mag er zijn. U kunt er terecht in de Anna Paulowna-zaal, vernoemd naar de echtgenote van Koning Willem II, in de Willem II-zaal en in de Oranjezaal. Deze laatste zaal was bestemd als balzaal. Een kleine orkest-tribune herinnert hier nog aan.

We wilden in het tekenlokaal de sfeer van de tijd van Vincent van Gogh, pakweg 1866, terugbrengen. Hiervoor hadden we een ‘doos in doos’ constructie voor bedacht, die de wanden onzichtbaar maakte maar wel weer weggehaald kon worden. Het betrof hierbij een niet erg fraaie bijzaal. De Rijksgebouwendienst keurde dit af: het totale interieur moest zichtbaar blijven.

Op de vragen die ik stelde wat dan wel mocht en hoe groot dat mocht zijn in deze ruimte, kwam geen duidelijk antwoord. Vandaar het ‘doos in doos’ idee met open wanden; een frame dus. Door twee lichtstanden te maken in de ruimte schakel je als het ware tussen twee tijdsvlakken. De armaturen hebben we vervangen (uit weer een latere periode). Dit is goedgekeurd en uitgevoerd.

Vincents Tekenlokaal
Het huidige in Tilburg was ooit de Rijks-HBS. Van 1866 tot 1868 kreeg Vincent van Gogh hier zijn eerste tekenlessen. Stadsmuseum Tilburg initieerde het project Vincents Tekenlokaal, dat op historische grond de leraar, de lessen en de leerlingen tot leven roept.

De HBS verliet het paleis in 1932 en tussen 1934-1936 werden de nog steeds in tact zijnde art-deco elementen gerealiseerd. Ook de beoogde ruimte voor heeft een art-deco uiterlijk. Het is niet bekend in welke ruimte exact Vincent tekenlessen kreeg, bij de verbouwing van 1936 zijn de ruimtes anders verdeeld. Om de historische reconstructie overtuigend te laten zijn, is een plan ontwikkeld voor een ‘doos’ die het lokaal nagenoeg vult. Zo wordt optimaal gebruik gemaakt van de ruimte (qua maten en verhoudingen) en van de plek.
Uitgangspunt is dat het bestaande interieur daarbij onaangetast blijft, maar wel aan het oog ontrokken wordt om de historische ervaring niet te verstoren. De doos heeft een niet-permanent karakter, zij staat los van de wanden en is los op de vloer geplaatst. Na de looptijd van de tentoonstelling kan deze eenvoudigweg in zijn geheel worden verwijderd.

Op verzoek van de Gemeente Tilburg en het Stadmuseum heeft mijn buro Perspekt daarnaast onderzocht of plaatsing van een kleinere doos met ruimte daaromheen recht zou doen aan het later toegevoegde art-deco interieur. De bijgaande tekeningen vormen de weerslag van dit onderzoek. We stelden vast dat de ruimte die de doos vrijlaat slechts als ‘ restruimte’ ervaren wordt. Terwijl enerzijds de ruimte in de doos en daarmee de toegankelijkheid en de educatieve betekenis beperkt worden, levert ook de ruimte buiten de doos nauwelijks een bruikbaar volume op.

De kracht van het gebouw is zijn gelaagde geschiedenis. Het zichtbaar maken (in het Tekenlokaal) en zichtbaar laten (art-deco elementen) van de ontwikkelingen door de tijd heen, maken het gebouw extra interessant. Iedere laag is in zichzelf goed voor een pakkende ruimtelijke ervaring. Op basis van het voorgaande hebben we voorgesteld deze elementen naast elkaar te laten bestaan, maar niet met elkaar te mengen.

Toepassing Concept Richtlijn
De Concept Richtlijn Historische Interieurs hebben we al wel in huis, maar hebben tot nu toe niet direct daarmee gewerkt. Alle stappen erin hebben met elkaar te maken, als je tenminste een eindoel hebt. Faseren kan, dat zit sowieso in het proces. Als suggesties denken we daarbij aan inventariseren van wensen en ideeen, doel en functie van de ruimte, logistiek, materiaalkeuze, restauratie, inpassen techniek. Met dat laatste hebben wij bij Perspekt natuurlijk veel te maken.

Albert Diederik is directeur van Perspekt Studio’s. Perspekt adviseert over, concipieert, ontwerpt (3D en 2D) en realiseert grote en kleine ruimtelijke voor musea en bezoekerscentra, alsmede interieurs.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *