Instandhouding van tijdgebonden kunst

contemplatie777Eind vorige eeuw was ik een periode gegrepen door tijdgebonden, tijdelijke, kunst. Of misschien is kunst van voorbijgaande aard een betere omschrijving. In het Engels zijn er ook mooie termen voor: , eendagskunst dus, of . Hoewel ik nu de termen verwar, was ik er destijd volop mee bezig. In mijn atelier maakte ik bijvoorbeeld een enorme hoeveelheid (meer dan 90) vierkante tegels ‘huid’ van latex. Daarachter plaatste ik afbeeldingen van met uitsterven bedreigde dieren, geknipt uit de tijdschriften van o.a. het Wereld Natuur Fonds en Artis. In het midden waren afbeeldingen van mijzelf gepland. Bedoeling was daarmee een soort zichzelf voortplantend gordijn te maken dat van de vloer tot het plafond van een grote hal zou reiken en in de loop der jaren onder invloed van het licht ondoorzichtig en brokkelig zou worden.
Voordat ik dat echter volledig kon realiseren, kreeg ik de kans om bijna 4 maanden in een huis met atelier van de Stichting in een Zuid-Frans bergdorpje (, Murs) te verblijven. Daar dronk ik blijkbaar erg veel bronwater. Zelfs zoveel, dat ik met de verzameling lege petflessen een overvloedige waterval kon installeren op de wenteltrap naar mijn atelier. Op de buitendeur plaatste ik een bordje “Cascade a la maison, entree Ff 3,-“. Er kwamen dagelijks veel bejaarde toeristen voorbij, maar slechts Mr. André, cavalerist en royalist in hart en nieren, bracht een bezoek.
Intussen las ik de complete brieven van Vincent aan zijn broer Theo, vol van het romantische kunstenaarsideaal dat met lijden en hoogmoed gepaard gaat, bedacht dat onze hoogstaande kunst vooral voortkomt uit communicatiestoornissen en andere mislukkingen (gewoon loodvergiftiging, begrijp ik nu), schreef in rap tempo tien verhalen over gesjeesde kunstenaars en besloot uiteindelijk mijn carriere als beeldend kunstenaar ter plekke te beeindigen. Wat je noemt kunst van voorbijgaande aard.

Deze lange inleiding is bedoeld als opmaat naar een belangwekkende vraag: is het nu de bedoeling tijdelijke/ te bewaren, of moeten we juist blij zijn dat er zoveel van voorbijgaande aard is? Daar is natuurlijk al veel over nagedacht, gesproken en gepubliceerd. het is wel een vraag die actueel blijft.
zijderupsOp de Linkedin groep van Museums and the Web is Anna Bates een discussie gestart over ‘The Conservation of / Ephemeral Art.’ Ze opent met de vaststelling dat ‘een / kunstwerken beschermt, behoudt en restaureert, nietwaar?’ Ze geeft vervolgens aan geïnteresseerd te zijn in kunst die bedoeld is, meteen of na verloop van tijd, te vervallen, vervagen of verdwijnen. Kunstwerken die niet bedoeld zijn te blijven. Wat is dan de rol van de ? En welke invloed heeft dit op de relatie tussen kunstenaar en instituut? Ze vraagt of iemand haar kan helpen met theorieën dienaangaande, boeken of voorbeelden van time based media kunstwerken en/of kunstenaars.

Op deze vraag antwoordt als eerste Jennifer Trant, mede-voorzitter van , dat er op de website van de conferentie een aantal papers beschikbaar is. Daarna zijn er diverse leden van de Linkedin groep die suggesties leveren. Waaronder Alain Depocas, van DOCAM (Documentation and Conservation of media arts heritage), waar gewerkt wordt aan het behoud en de documentatie van variabele kunstvormen, en Marieke van der Duin die verwijst naar Vivian van Saaze: “Doing artworks. An ethnographic account of the acquisition and conservation of No ghost just a shell”.
Daar is vast nog veel meer over te zeggen. Ik ben benieuwd naar meer voorbeelden en literatuur hierover.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *