Onderzoek naar Fotocollecties op glas: ‘Handle with care’

gastblogger: Ingeborg Eggink

Uit mijn werkervaring bij het Tropenmuseum heb ik geleerd dat het ontsluiten en conserveren van glasnegatieven en -positieven een enorme klus is. Niet alleen omdat het vaak om grote aantallen gaat, maar ook omdat het hanteren van glas specifieke risico’s met zich meebrengt. Veel voorkomende schades bij zijn: breuk, , glasdegradatie en verzilvering van de emulsie.

‘Handle with care’ is mijn invulling van de afstudeeropdracht van de Reinwardt Academie als proeve van bekwaamheid voor de opleiding tot Erfgoedspecialist. Het onderzoek is tweeledig. Enerzijds zal ik een praktische handleiding schrijven voor collectiebeheerders waarin mijn ervaringen zoals bovenstaand bij het Tropenmuseum, aangevuld met literatuur en andere ervaringen, hulp zal bieden bij beheer en van fotocollecties op glas.

Anderzijds zal ik een van fotocollecties op glas in Nederland houden.
Uit Europees onderzoek naar en digitalisering van fotocollecties¹ blijkt dat alle 141 ondervraagde instellingen in het bezit zijn van . In een recent Nederlands onderzoek² naar fotocollecties komt het bezit van niet zo helder naar voren. Deze enquete van het uit 2007 toont dat van de 55 respondenten er 47 zijn met negatieven in de collectie. Helaas is niet gevraagd of dit negatieven op glas zijn. Een onderzoek via Musip geeft 42 hits op de zoekterm ‘fotocollectie’; 41 hits op de zoekterm ‘glasnegatieven’. Dit lijkt vergelijkbaar met het Europese beeld.

Uit de inventarisatie naar behoud en beheer van fotocollecties in Nederland blijkt dat er een grote behoefte bestaat naar kennisuitwisseling, concentratie van informatie op één punt en samenwerking op het gebied van beheer en ontsluiting. Dit onderzoek werd uitgevoerd in opdacht van het ICN. Dit instituut verzorgde hierop een aantal jaren cursussen en workshops op gebied van beheer en ontsluiting van fotocollecties.
Nader onderzoek lijkt me nodig om fotocollecties op glas in Nederland te traceren en deze informatie toegankelijk te maken met als doel de bevordering van kennisuitwisseling en samenwerking. Mijn uitgebreide vragenlijst over fotocollecties op glas is inmiddels verspreid onder leden van het Nederlands Fotogenootschap en een aantal andere instellingen.

FC-2006-39

Korte geschiedenis van glas in fotografie
Het gebruik van glas als drager van het fotografisch gevormde beeld, in 1849 geïntroduceerd door Scott Archer, betekende een doorbraak in de ontwikkeling van de fotografie. Hiermee werd bij een veel kortere belichtingstijd grotere nuanceverschillen in licht en donker bereikt in vergelijking met de tot die tijd gebruikte papieren negatieven. Nadeel was wel dat de reizende fotograaf meer spullen mee te nemen had en het ter plekke gelijkmatig aanbrengen van de lichtgevoelige collodiumlaag een bepaalde handigheid vergde. De eerste ready-to-use (droge plaat) negatieven werden geproduceerd door the Liverpool Dry Plate and Photographic Company in 1867.
Glas is tot in de jaren 1960 in gebruik gebleven als drager van fotografisch beeld, naast de flexibele kunststofdragers nitraat (vanaf ca. 1910) en acetaat (vanaf ca. 1940). Deze periode van ruim 100 jaar heeft grote fotocollecties op glas opgeleverd. In tegenstelling tot de grote aandacht voor historische fotoafdrukken, risico’s van nitraat en het spontane verval van acetaatnegatieven is er tot nu toe weinig aandacht geweest voor de specifieke eigenschappen van glas als drager van fotografisch vastgelegd beeld.

Door enerzijds een overzicht te kunnen geven van instellingen met een grote fotocollectie op glas en anderzijds een aantal ervaringen met ontsluiting en behoud van fotocollecties op glas te kunnen geven zal ik een bijdrage leveren aan het erfgoedveld. Kennisuitwisseling tussen instellingen zal bijdragen tot het succesvol aanpakken van de vermoedelijk vele, nog niet ontsloten, fotocollecties op glas.

Lezers die graag een bijdrage leveren aan de inventarisatie en nog geen vragenlijst hebben ontvangen, kunnen contact met mij opnemen. Ik streef ernaar om eind maart alle reacties binnen te hebben, zodat ik met de verwerking daarvan kan beginnen. Begin juni 2010 moet mijn onderzoek afgerond zijn.

Resultaten van deze inventarisatie zullen op de website van de Nfg gepubliceerd worden.
Begin juni moet de scriptie van Ingeborg klaar zijn. We zullen haar scriptie ook via de Collectiewijzer onder de aandacht brengen.

noten:
¹ Edwin Klijn en Yola de Lusenet, In the picture preservation and digitalisation of European photographic collections (Amsterdam: European Commission on Preservation and Access 2000).
² Loes van Harrevelt, ‘Enquete uitslag onder fotocollecties in Nederland’, (Den Haag: Nederlands Fotogenootschap, 2007)

meer links:
http://notesonphotographs.eastmanhouse.org/index.php?title=Dry_Plates
http://www.volkskrant.nl/archief_gratis/article559724.ece/Redden_wat_er_te_redden_valt
http://www.librarything.com/author/frizotmichel

lichtbeeldenkastbovenkantFC-2006-14

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *