Lijnolieverf bij restauraties

Bij de restauraties van gebouwen is het soms gebruikelijk het historisch schilderwerk te reconstrueren. De reconstructie richt zich dan op het imiteren van de oude kleuren. Het gebruik van de oorspronkelijke verfbestanddelen zoals pigmenten en bindmiddel komt minder vaak voor. Gelukkig zijn er uitzonderingsprojecten, zoals dat van de Koninklijke Wachtkamer van het Hollands Spoor.
 
Dat traditionele verf zo weinig wordt toegepast vormde de aanleiding voor het derde Kleurhistorisch Platform (feb 2006). Hier werd een van bekenste traditionele verven – lijnolieverf – centraal gezet. Dit is het verslag van de inleiding op de middag door Bernice Crijns van de Rijksdienst.
 
Groeiende vraag
 
Nu de kleurenwaaier van Farrow and Ball met de historische kleuren van de National Trust, de Nederlandse markt verovert is het tijd voor een volgende stap en ziet de RCE dat voor het schilderen met lijnolieverf een groeiende vraag bestaat.
 
Echter, als je een schilder vraagt naar zijn mening over lijnolieverf valt het op op dat 9 van de 10 gevallen over lijnolie praat als ecologisch verantwoorde natuurverven. Hierdoor volgt dan de vraag in hoeverre deze natuurverven gelijk zijn aan historische lijnolieverf, qua optische en verouderingseigenschappen.
 
Verkrijgbare lijnolieproducten
 
Het kleurhistorisch platform over lijnolieverf gaf een eerste aanzet tot het leren kennen van de op de markt verkrijgbare kant-en-klaar lijnolieverfproducten en hun bruikbaarheid voor restauratieprojecten. Naast de sprekers Piet Blokzijl van de Haagse Kunstschildersverffabriek en Carsten Thöne van Aquamarijn, die hun producten toelichtten zijn er natuurlijk meer producenten op de markt zoals, Auro, het Finse Uula met een Friese vertegenwoordig in Nederland door het schildersbedrijf van Wyger Smits, en De Twentse lijnolieverf van Kees Rolsma. Daarnaast is het ook mogelijk om in overleg met verffabrikanten een product op maat te laten maken, zoals is gedaan voor de Koninklijke Wachtkamer van het Hollands Spoor met de firma Bok en Zonen in Amsterdam of voor de orgelkas in de Pieterskerk door de Haagse Kunstschildersverffabriek.
 
Traditionele lijnolie versus eigentijdse producten
 
Anderzijds was het kleurhistorisch platform ook een eerste aanzet tot het bediscussiëren van de wensen en eisen die we vanuit monumentenzorg zouden willen stellen aan lijnolieverven. Deze wensen en eisen kunnen verschillen naar gelang het soort restauratieproject. Vooropgesteld staat dat het ecologische aspect een minder belangrijke rol speelt dan de overeenkomstige eigenschappen met historische verfrecepturen. En het moge duidelijk zijn, de huidige commerciële lijnolieverven zullen vanuit hun concurrerende positie met de reguliere verfwereld een ander product zijn dan de lijnolieverf die de schilders tot een halve eeuw geleden zelf nog in hun werkplaatsen maakten. Dit verschil is niet alleen van toepassing op de bestanddelen (zoals de toevoeging van gemodificeerde olie) of op het uiterlijk en de veroudering van de verf, maar ook op de verwerking van de verf. Bernice Crijns sprak met de bijna gepensioneerde schilder Dijkstra in Bolsward over de verwerking van lijnolieverf en noemde onder andere het nadeel van de velvorming in het blik. Hij wees haar er toen op dat dit bij zelfgemaakte verf door de schilder minder aan de orde was, omdat zij de siccatief pas op het werk aan de voor die dag benodigde verf toevoegde.
 
Op de vraag hoe hij dacht over de redenen waarom lijnolieverfproduct destijds werd vervangen en de speculatieve theorieën van Crijns over de opkomst van het doe-het-zelven en het vergroten van het verwerkingsgemak, vertelde de heer Dijkstra over de grote ergernis die vrouwen en glazenwassers ondervonden bij het ramenlappen van de strepen die de poederende lijnolieverf van de kozijnen veroorzaakte op het glas.

 

Ontheffingsregeling voor het schilderen met oplosmiddelen in Rijksmonumenten

Er bestaan ontheffingsmogelijkheden voor verf met een hoge VOS-gehalte voor binnenschilderwerk bij Rijksmonumenten. De ontheffing geldt voor schildwerk op historisch onderdelen. Voor schilderwerk op nieuwe onderdelen in een monument wordt geen ontheffing verleend. Echter niet getreurd, ook  lijnolieverfproducenten passen zich aan en hebben watergedragen lijnolieverf ontwikkeld. Weer blijft het interessant te bezien hoe deze emulsieverf zich verhoud tot een historisch receptuur en bijhorende eigenschappen. De tijd zal het leren.
 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *